Leefbare en Vitale wijken en dorpen

Duurzame diversiteit en samenhang

Toelichting

Beheerste groei en eigenheid van de dorpen
Barneveld is een ‘meerkernige’ gemeente, waar dorpen hun eigen kenmerken en kwaliteiten hebben en ontwikkelen. Wij denken dat dit past bij de eigen verantwoordelijkheid die inwoners nemen voor hun leefomgeving. Daarom is het behoud van die kwaliteiten en eigenheid als strategisch doel benoemd. De kwaliteit van de openbare ruimte is mede bepalend voor de kwaliteit van de leefomgeving. De gemeente zet zich daarom in voor het op peil houden van het onderhoud en beheer van de openbare ruimte.

Zowel vanuit het oogpunt van de sociale samenhang als de kwaliteit van de woonomgeving vinden wij een zekere groei van het inwoneraantal van belang. Wij denken dat het belangrijk is dat de groei beheersbaar blijft in die zin dat deze niet leidt tot ontwrichting van maatschappelijke verbanden en de bestaande organische ruimtelijke structuur gewaarborgd kan blijven. Daarom is beheerste groei als strategisch doel geformuleerd. Beheerste groei betekent:

een groei die past bij het (dorpse) karakter van de verschillende kernen van Barneveld; Dat betekent bundeling van de groei in Barneveld en Voorthuizen en een groei in de andere kernen die nodig is om voor behoud van vitale dorpen met sociale samenhang;
een groei die past bij het doel om het basisvoorzieningenniveau in de gemeente te behouden;
een groei die in eerste instantie de eigen bevolkingsgroei opvangt en pas in tweede instantie extra ruimte biedt. Dat is ruimte voor mensen die in de gemeente Barneveld werken en hier graag willen komen wonen en voor autonome instroom van elders, waaronder zogeheten ‘terugkeerders’. Groei voor de autonome instroom stemmen wij af met de gemeenten in de regio’s FoodValley en Amersfoort.
Rekening houdend met bovenstaande doelen kan Barneveld met behoud van haar identiteit en kwaliteiten verder groeien naar 65.000 tot 70.000 inwoners. Uit recente prognoses blijkt dat dit aantal tussen 2030 en 2040 bereikt zal worden.

Gevarieerd woningaanbod
We kiezen voor meer variatie. Landelijk speelt het probleem dat het woningaanbod in woonwijken bijzonder homogeen is geworden. Dat komt door eigendomssituaties en de daarmee verband houdende financiële organisatie. Dat maakt woningbouwlocaties niet flexibel en vaak sterk aanbodgericht. Er is geen mogelijkheid om delen van de wijk open te houden voor toekomstig gebruik. Wij willen echter in de toekomst graag meer consumentgericht bouwen met meer organische opbouw en variatie in wijken en aandacht voor duurzaamheid en betaalbaarheid. Ruimte voor variatie betekent ook ruimte voor specifiek woonmilieus, zoals bijvoorbeeld in de topsector.

Om die variatie te realiseren worden oplossingen gezocht en dat vraagt om betrokkenheid, een zekere openheid en flexibiliteit van alle partijen. Natuurlijk blijft de financiële uitvoerbaarheid hierbij een belangrijke voorwaarde. Uitgangspunt is om meer zicht te creëren op de werkelijke vraag, ruimte te maken voor meer betrokkenheid van bewoners en te sturen op een gevarieerde wijkopbouw. Dit vraagt van de gemeente om ontwikkelingsgerichte bestemmingsplannen te maken die ruimte geven om flexibel in te spelen op de wensen van consumenten. Die ruimte is voor marktpartijen, bouwers (collectieve) particuliere opdrachtgevers nodig om consumentgericht te bouwen met voldoende mogelijkheden voor latere aanpassingen (bijvoorbeeld van gezinswoning naar seniorenwoning met startersappartement en andersom). Doorstroming vanuit de bestaande woningvoorraad is hierbij ook een aandachtspunt.

Gevarieerde wijkopbouw zien wij daarnaast als een middel om de sociale samenhang te versterken. Dat gaat dan niet alleen om een variatie in bevolkingsopbouw, maar ook om passende voorzieningen, nieuwe functies, functiemenging en ontmoetingsplekken in een mix die afhankelijk is van de behoefte en zich per wijk of dorp heel divers kan ontwikkelen.

Vorm en locatie van voorzieningen
De veranderende bevolkingssamenstelling en maatschappelijke ontwikkelingen roept nieuwe vragen op ten aanzien van het voorzieningenaanbod. Een deel van de behoefte aan voorzieningen zal kleiner worden, maar er zullen ook nieuwe behoeftes ontstaan. Voor sommige voorzieningen is de samenleving aan zet en is de gemeente vooral faciliterend. Daarbij kan gedacht worden aan de gebleken behoefte aan uitgaansgelegenheden en evenementen voor de jeugd. Voor diverse voorzieningen (zoals scholen, sport en cultuur) is de gemeente wel betrokken bij de realisatie en het in stand houden. De gemeente kan niet alle bestaande (fysieke) voorzieningen in stand houden en tegelijk nieuwe toevoegen, er zijn keuzes nodig. De omvang van een voorziening en schaal van het verzorgingsgebied staat dan ter discussie. Het toekomstige voorzieningenaanbod wordt gestuurd door kwaliteit, de bijdrage aan de sociale kwaliteit en betaalbaarheid. Een grotere en meer centraal gelegen voorziening kan een hogere kwaliteit leveren, maar een groter aantal meer kleinschalige voorzieningen kunnen door de ontmoetingsfunctie meer binding genereren in wijken en dorpen. Dit kan ook wenselijk zijn voor het toenemende aantal minder mobiele mensen die meer dan voorheen zelfstandig blijft wonen. Bij keuzes voor voorzieningen nemen we het doel van de voorziening als uitgangspunt en kijken we kritisch naar de vorm en de locatie die daarvoor nodig is. De afweging of een hogere kwaliteit nodig is wordt per functie gemaakt, de afweging of de sociale kwaliteit daarbij geborgd blijft of wordt, wordt gebiedsgericht gemaakt. De inzet van bestaande functies en locatie hebben de voorkeur zodat we die maximaal kunnen benutten, maar we stimuleren ook slimme nieuwe functiecombinaties of transformaties. Zo willen we vraag en aanbod pragmatisch en flexibel koppelen.

Duurzaam bouwen
Met onze wijken en dorpen willen we ook bijdragen aan een duurzame toekomst. Sociaal duurzaam enerzijds door een diverse opbouw van de wijk qua bevolking en woningaanbod (type en aanpasbaarheid). Fysiek duurzaam door bij te dragen aan onze energie- en klimaatdoelstellingen en aan een gezond leefklimaat.

Duurzaam bouwen is noodzakelijk om onze doelstellingen voor de energietransitie en het klimaat te halen. Hiermee houden we de leefbaarheid voor inwoners in de toekomst op peil en beperken of voorkómen wij maatschappelijke kosten als gevolg van klimaatschade. Duurzaam wil zeggen dat woningen zo worden gebouwd dat ze energieneutraal zijn en met goed herbruikbare materialen worden gebouwd. Het betekent ook dat de locatiekeuze en de inrichting van een wijk past bij het streven naar schone mobiliteit en bij het natuurlijk watersysteem. Daarnaast stimuleren we het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad.

Een belangrijk ander aspect van duurzaamheid is dat woningen zodanig aanpasbaar zijn, dat zij flexibel ingezet kunnen worden voor meerdere doelgroepen. Bijvoorbeeld door aanpasbaarheid aan de levensfase van de bewoner.

Gezond leven
Een gezond leefklimaat is een belangrijke voorwaarde voor vitale dorpen en wijken. Daarom is het doel dat de milieubelasting van bedrijven en verkeer niet toeneemt. Dat vergt maatschappelijk verantwoord ondernemen van bedrijven en zorgvuldige vergunningverlening door de gemeente. Met de verwachte toename van de bevolking heeft dat ook gevolgen voor het verkeer. Om die reden zetten wij in schone mobiliteit en voorrang voor de fiets.

Een gezond leefklimaat betekent ook dat er voldoende groen moet zijn van voldoende kwaliteit. Daarom is het belangrijk dat we volop blijven werken aan het Groenstructuurplan. Daarnaast vinden wij een voldoende aanbod van gevarieerde speelvoorzieningen belangrijk omdat dit bijdraagt aan een gezonde ontwikkeling van kinderen en jongeren. Het betekent ook dat wij sterk inzetten op het behoud van de groene buffers tussen de kernen en de groene wiggen die de kernen binnendringen en dat we graag zien dat deze recreatief toegankelijk zijn.